Citaat | Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012

Alinea 81 Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BX7024.

4.10. In dit geval had [gedaagde] dus niet alleen de bewindvoerder meteen en in elk geval tijdens de voorlopige surseance moeten informeren over het bestaan van dat aanzienlijke actief, bestaande uit een relatief groot bedrag aan liquide middelen op een niet aan de vennootschap toebehorende en niet aanstonds uit de administratie kenbare bankrekening. [gedaagde] had bovendien, eveneens nog tijdens de voorlopige surseance, in zijn hoedanigheden van bestuurder van zowel de vennootschap als (indirect) BOA Beheer, ervoor moeten zorgen dat deze liquide middelen aanstonds aan de vennootschap ter beschikking stonden door terugboeking daarvan op een bankrekening, die niet noodzakelijk de bestaande rekening-courant bij de ABN AMRO Bank behoefde te zijn, maar wel een bankrekening die op naam stond van de vennootschap en waarover ook direct en vrijelijk door de vennootschap (en de bewindvoerder) kon worden beschikt. Deze terugstorting zou ook helemaal in de geest zijn geweest van de beheerovereenkomst, waarop [gedaagde] zich beroept, omdat immers een surseance bij uitstek bedoeld is om een noodzakelijke reorganisatie/sanering door te voeren en tijdens de (voorlopige) surseance door de gevreesde crediteuren geen beslag meer kon worden gelegd op die gelden (zie artikel 230 Fw).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd1bdc1951da5fab51133e5dcb3075760b79c2a273e0f1fe6e6e547a2ac1cbb4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd1bdc1951da5fab51133e5dcb3075760b79c2a273e0f1fe6e6e547a2ac1cbb4, en de alinea staat in dat document op bytes 23540 tot 24837.