Citaat | Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012
Alinea 84 Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012
Een alinea uit Rechtbank Arnhem 29 augustus 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BX7024.
Bovendien is de rekensom van [gedaagde] niet juist. Uit de eigen stellingen van [gedaagde] volgt dat, indien alle gelden nog tijdens de voorlopige surseance door BOA Beheer zouden zijn teruggestort, de vennootschap op haar bankrekening weer een positief saldo zou hebben gehad en wel een zodanig positief saldo dat daarvan die lonen hadden kunnen worden betaald. [gedaagde] stelt immers in zijn conclusie van antwoord dat met een deel van die gelden de debetstand kon worden aangevuld en dat daarna nog geld resteerde om te storten op de boedelrekening van de curator. De curator heeft te dien aanzien onweersproken gesteld dat de debetstand bij de bank ‘slechts’ € 170.000,00 was. Er zou van de € 400.000,00 dus nog een bedrag van ongeveer € 230.000,00 zijn overgebleven voor de lonen e.d.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd1bdc1951da5fab51133e5dcb3075760b79c2a273e0f1fe6e6e547a2ac1cbb4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd1bdc1951da5fab51133e5dcb3075760b79c2a273e0f1fe6e6e547a2ac1cbb4, en de alinea staat in dat document op bytes 26879 tot 27692.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd1bdc1951da5fab51133e5dcb3075760b79c2a273e0f1fe6e6e547a2ac1cbb4 | shasum -a 256