Citaat | Rechtbank Breda 27 maart 2002

Alinea 77 Rechtbank Breda 27 maart 2002

Een alinea uit Rechtbank Breda 27 maart 2002, ECLI:NL:RBBRE:2002:AE0901.

Daar komt bij dat de bepaling omtrent het overleggen van een raamovereenkomst eerder moet worden beschouwd als een door SF gestelde voorwaarde, waarop derhalve SF een beroep zou kunnen doen en welke voor SF een voorwaarde zou kunnen zijn geweest om al dan niet tot uitlevering over te gaan. SF moet echter, evenals Laurus, geacht worden van die voorwaarde te hebben afgezien. Indien overigens aan de betreffende bepaling nog enige betekenis zou toekomen, dan hoogstens dat daarmee werd beoogd om nadere afspraken vast te leggen over het exacte tijdstip, duur en plaats van de aflevering van de materialen, aangezien in de brief van 21 februari 2001 reeds de prijzen en de aantallen zijn bepaald, evenals de leveringscondities. Daaruit kan geenszins worden opgemaakt dat er slechts sprake was van een voorlopige overeenkomst waarvan de details en voorwaarden nog moesten worden ingevuld en waaraan Laurus derhalve slechts gebonden was in zoverre er afspraken werden gemaakt. Geconcludeerd wordt dat de brief van SF van 21 februari 2001 een duidelijk gedetailleerd aanbod aan Laurus bevat, gelet op de specificatie van de aantallen te leveren materialen, de prijs per stuk en de wijze van levering en facturering en dat dit aanbod door Laurus bij brief van 7 maart 2001 onvoorwaardelijk is aanvaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6d908fcaf728f04a01221bdab6192d7186afcdd82e82062db00125cdc9a1623. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6d908fcaf728f04a01221bdab6192d7186afcdd82e82062db00125cdc9a1623, en de alinea staat in dat document op bytes 14179 tot 15490.