Citaat | Rechtbank Breda 21 november 2011

Alinea 20 Rechtbank Breda 21 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Breda 21 november 2011, ECLI:NL:RBBRE:2011:BU7828.

Klaagster verzet zich tegen de inbeslagname en heeft aangevoerd dat een doorzoeking in dit geval onrechtmatig is. Aan dit standpunt heeft zij ten grondslag gelegd dat de hierna genoemde omstandigheden afzonderlijk, maar ook in onderlinge samenhang leiden tot de conclusie dat de doorzoeking en de daarop volgende inbeslagneming onrechtmatig is. De omstandigheden zijn in de eerste plaats gelegen in de wijze van handelen van het Openbaar Ministerie ten tijde van de doorzoeking, door het integraal inbeslagnemen van een aantal mappen, waarin geheimhoudercorrespondentie en klantgegevens van andere klanten zijn opgenomen. De officier van justitie heeft kennis van de geheimhouderstukken kunnen nemen. Naar de mening van klaagster had het mogelijk moeten zijn deze bestanden te scheiden van de gegevens die het Openbaar Ministerie wel nodig had voor het onderzoek naar de firma [naam]. Door de werkwijze van het Openbaar Ministerie is er veel meer in beslag genomen dan waar het strafrechtelijk onderzoek op ziet. Tevens is klaagster tijdens de doorzoeking niet over haar rechtspositie geïnformeerd. In de tweede plaats is namens klaagster aangevoerd dat de doorzoeking in strijd is met de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. Klaagster heeft in het kader van de proportionaliteit aangevoerd dat er veel meer gegevens in beslag zijn genomen dan nodig was voor het strafrechtelijk onderzoek, terwijl klaagster met betrekking tot haar cliënten, met betrekking tot wie onterecht gegevens in beslag zijn genomen, een contractuele geheimhoudingsverplichting heeft. Klaagster heeft in het kader van de subsidiariteit aangevoerd dat er gekozen is voor een te zwaar middel, te weten een doorzoeking, terwijl een bevel tot uitlevering van stukken ook tot overdracht van de gewenste gegevens had kunnen leiden. Klaagster heeft primair verzocht aan de rechtbank om de doorzoeking onrechtmatig te achten en daarmee de kennisneming door het Openbaar Ministerie van de digitaal gekopieerde gegevens alsmede de gegevens die zijn opgeslagen op de images, tevens onrechtmatig te achten. Subsidiair heeft klaagster verzocht, indien de rechtbank de doorzoeking rechtmatig zou achten, de inbeslagneming van de geheimhouderstukken en de niet voor het onderzoek van belang zijnde cliëntgegevens alsmede kennisneming daarvan onrechtmatig te verklaren. In dat geval verzoekt klaagster, omdat het afsplitsen van de geheimhouderstukken en bedoelde cliëntgegevens praktisch gezien volgens haar niet mogelijk is, om alsnog tot een bevel tot uitlevering over te gaan van alle benodigde gegevens over de [naam] Groep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56cf74b0b267a947846a278d7a866b2122cee978a9b9c163255ae990b84b571f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56cf74b0b267a947846a278d7a866b2122cee978a9b9c163255ae990b84b571f, en de alinea staat in dat document op bytes 7751 tot 10370.