Citaat | Rechtbank Breda 7 maart 2012
Alinea 70 Rechtbank Breda 7 maart 2012
Een alinea uit Rechtbank Breda 7 maart 2012, ECLI:NL:RBBRE:2012:BV7835.
De gemeente heeft geen feiten gesteld waaruit blijkt dat het voor haar bezwaarlijk is de uitspraak op het hoger beroep af te wachten. Zij stelt slechts dat betaling logisch zal moeten volgen op de invorderingsbesluiten en het uitgevaardigde dwangbevel. Fort Oranje heeft gemotiveerd gesteld dat executie hangende het hoger beroep voor haar onomkeerbare gevolgen zal hebben. Het gaat om een aanzienlijke vordering van de gemeente. Nu de gemeente door middel van de gelegde beslagen voldoende zekerheid heeft voor de voldoening van haar vordering en een executie hangende het hoger beroep voor Fort Oranje tot onomkeerbare gevolgen zou leiden, is sprake van een onevenredigheid tussen het belang van de gemeente bij onmiddellijke executie en het belang van Fort Oranje om in afwachting van de uitkomst van het hoger beroep niet te worden geschaad door een onomkeerbare situatie. Volgens artikel 3:13 lid 2 BW kan de gemeente onder die omstandigheden naar redelijkheid niet tot uitoefening van haar executiebevoegdheid overgaan en is sprake van misbruik van die bevoegdheid. De rechtbank zal de tenuitvoerlegging van het dwangbevel van 23 augustus 2011 daarom schorsen totdat de Afdeling bestuursrechtspraak in hoger beroep uitspraak heeft gedaan over de besluiten die aan dit dwangbevel ten grondslag liggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b66fe98412759098ae7e72e6e602ffeba84e70ab5e9323b8a166236596b08f1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b66fe98412759098ae7e72e6e602ffeba84e70ab5e9323b8a166236596b08f1, en de alinea staat in dat document op bytes 24050 tot 25369.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b66fe98412759098ae7e72e6e602ffeba84e70ab5e9323b8a166236596b08f1 | shasum -a 256