Citaat | Rechtbank Den Haag 11 september 2013

Onder 4.8. Rechtbank Den Haag 11 september 2013

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 11 september 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:13307.

[A] heeft voorts de omvang van de gevorderde schade betwist. Volgens haar leidt het relativiteitsvereiste ertoe dat slechts het negatief contractsbelang van HVB voor vergoeding in aanmerking komt. Het betoog van [A] dat toerekenbaarheid op grond van artikel 6:162 lid 3 BW niet kan worden aangenomen, aangezien kennis van de onjuistheid van de verstrekte inlichting en kennis van de relevantie ervan voor een derde (lees: HVB) vereist is voor aansprakelijkheid faalt, nu dit betoog er ten onrechte vanuit gaat dat HVB haar vordering grondt op dwaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7f33b3107e868586b6f3493caa9abb96c487cf167b6bd24826318699f2a24c90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7f33b3107e868586b6f3493caa9abb96c487cf167b6bd24826318699f2a24c90, en de alinea staat in dat document op bytes 13180 tot 13754.