Citaat | Rechtbank Den Haag 18 september 2013
Onder 4.8. Rechtbank Den Haag 18 september 2013
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 18 september 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:13451.
De stelling van [A] dat de bank hem niet kan aanspreken uit hoofde van de borgtocht, nu nog niet duidelijk is of en in hoeverre de bank nog voldaan wordt uit de faillissementsboedel, vindt geen steun in het Nederlandse recht. De borg kan niet gedwongen worden zijn verplichting uit de borgtochtovereenkomst na te komen voordat de hoofdschuldenaar (HaVe) in de nakoming van zijn verbintenis is tekort geschoten (artikel 7:855 lid 1 BW), maar deze regel impliceert niet dat de schuldeiser (de bank) met het vorderen van nakoming van de borg zal moeten afwachten totdat vaststaat dat de schuldenaar (HaVe) geen (verder) verhaal biedt. Bijzondere omstandigheden die ertoe dwingen dat de bank onder de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid gehouden zou zijn [A] vooralsnog buiten schot te laten, zijn gesteld noch gebleken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e85eaa1cb9cfc2d4bc0ffdf05b08fa74105559d42096e52caf6c2de3153fbb40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e85eaa1cb9cfc2d4bc0ffdf05b08fa74105559d42096e52caf6c2de3153fbb40, en de alinea staat in dat document op bytes 16116 tot 17006.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e85eaa1cb9cfc2d4bc0ffdf05b08fa74105559d42096e52caf6c2de3153fbb40 | shasum -a 256