Citaat | Rechtbank Den Haag 18 september 2014

Onder 3.8. Rechtbank Den Haag 18 september 2014

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 18 september 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:11541.

Ook het verweer van de Staat – onder verwijzing naar het arrest van het EHRM van 8 juli 2014 (Harakchiev/Bulgarije, appl. no. 15018/11) – dat het EVRM aan staten geen absolute verplichting oplegt om reïntegratie-activiteiten aan te bieden, kan hem niet baten. Weliswaar heeft het EHRM in genoemd arrest overwogen dat “the Convention does not guarantee, as such, a right to rehabilitation, and while its Article 3 cannot be constructed as imposing on authorities an absolute duty to prisoners with rehabilitation or reintegration programmes and activities” , maar het EHRM heeft tevens overwogen dat “it does require the authorities to give life prisoners a chance, however remote, to someday regain their freedom. For that chance to be genuine and tangible, the authorities must also give life prisoners a proper opportunity to rehabilitate themselves” (citaten uit rechtsoverweging 264 van genoemd arrest). Het EHRM wijkt hiermee naar het oordeel van de voorzieningenrecht niet af van zijn eerdere jurisprudentie, inhoudende dat de ontwikkelingen op het gebied van resocialisatie bij de herbeoordeling van de gevangenisstraf moeten worden betrokken. De wijze waarop tot heden activiteiten aan [eiser] zijn aangeboden heeft er niet toe geleid dat het aspect van resocialisatie bij de beslissing op het gratieverzoek is betrokken, zodat toewijzing van de vordering strekkende tot het beginnen met resocialisatie-activiteiten gegrond is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/511afb149ad4f3889e3237bdb7f29a3ee1480ef4266349261e4c7115b78a9320. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 511afb149ad4f3889e3237bdb7f29a3ee1480ef4266349261e4c7115b78a9320, en de alinea staat in dat document op bytes 44323 tot 45857.