Citaat | Rechtbank Den Haag 24 januari 2014
Onder 5.5 Rechtbank Den Haag 24 januari 2014
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 24 januari 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:8681.
De rechtbank volgt dit standpunt van verweerder niet. Anders dan de vreemdeling in de zaak die heeft geleid tot voornoemde uitspraak van de Afdeling van 17 september 2008, is eiser niet strafrechtelijk veroordeeld voor de hem verweten gedragingen. Anders dan de vreemdeling in de zaak die heeft geleid tot voornoemde uitspraak van de Afdeling van 27 maart 2013, is niet in een individueel ambtsbericht vastgelegd dat eiser persoonlijk heeft deelgenomen aan martelingen. De ernstige reden om te veronderstellen dat eiser misdrijven heeft gepleegd als bedoeld in artikel 1(F) Vv zijn gebaseerd op algemene informatie uit ambtsberichten over de functies die eiser heeft verricht, zoals aangehaald onder rechtsoverweging 1.3, en waaruit wordt geconcludeerd dat functionarissen met de functie van eiser tot taak hadden om disloyale werknemers te melden bij de veiligheidsdienst KhAD/WAD, hetgeen tot mensenrechtenschendingen kon leiden. Een strafrechtelijke veroordeling, dan wel ernstige reden voor de veronderstelling van directe deelname aan martelingen kan voor wat betreft de gevolgen van een ontkenning van het gedrag uit het verleden, naar het oordeel van de rechtbank niet op één lijn worden gesteld met de vaststelling in deze zaak dat er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat eiser misdrijven heeft gepleegd als bedoeld in artikel 1(F) Vv op grond van een algemene veronderstelling dat in de functies die eiser heeft bekleed, hij zeer waarschijnlijk (indirect) heeft bijgedragen aan mensenrechtenschendingen door derden. Gezien het vorenstaande heeft verweerder dan ook niet uit de ontkenning van eiser dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan mensenrechtenschendingen, kunnen afleiden dat thans een gevaar voor recidive bestaat. Verweerder heeft ten onrechte nagelaten de vraag of het gedrag van eiser een actuele bedreiging voor de openbare orde vormt, te toetsen aan de criteria die hiervoor in de door eiser aangehaalde Richtsnoeren bij de Verblijfsrichtlijn zijn gegeven. Zo blijkt uit het bestreden besluit niet welke inschatting van het toekomstige gedrag van eiser aan dat besluit ten grondslag ligt en dat het recidivegevaar bestaat uit meer dan een vage mogelijkheid van recidive (p. 12 van de Richtsnoeren).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b710d04438058da1d99ed386a015b7f3168b0b8fb7ea9a82df99653c24cf36de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b710d04438058da1d99ed386a015b7f3168b0b8fb7ea9a82df99653c24cf36de, en de alinea staat in dat document op bytes 28977 tot 31237.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b710d04438058da1d99ed386a015b7f3168b0b8fb7ea9a82df99653c24cf36de | shasum -a 256