Citaat | Rechtbank Den Haag 10 november 2015
Onder 2 Rechtbank Den Haag 10 november 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 november 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:12809.
In de onderliggende bodemzaak heeft de griffier het door [verzoekster] verschuldigde griffierecht vastgesteld op een bedrag van € 1.909,--. Op 27 mei 2015 is dit bedrag door [verzoekster] betaald. Het in rekening gebrachte griffierecht geldt voor vorderingen met een beloop van niet meer dan € 100.000,--. De vordering in de inleidende dagvaarding is echter van onbepaalde waarde, zodat het verschuldigde griffierecht vastgesteld had moeten worden op een bedrag van € 613,--. Het in de dagvaarding gevorderde bedrag van € 3.500,-- aan buitengerechtelijke kosten is een nevenvordering, die niet het belang van de zaak bepaalt. De kern van de zaak zijn twee gevorderde verklaringen voor recht. Hierdoor is er sprake van een vordering van onbepaalde waarde, aldus [verzoekster] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f712aae22e4b8a158ed58b1d18a069515cfd2a4f68e05e93b2255119f78fca1c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f712aae22e4b8a158ed58b1d18a069515cfd2a4f68e05e93b2255119f78fca1c, en de alinea staat in dat document op bytes 6650 tot 7447.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f712aae22e4b8a158ed58b1d18a069515cfd2a4f68e05e93b2255119f78fca1c | shasum -a 256