Citaat | Rechtbank Den Haag 10 december 2015
Onder 5.13 Rechtbank Den Haag 10 december 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 december 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:14365.
Door de verdediging van Azzedine C. , Oussama C. , Imane B.en Moussa L. is aangevoerd dat zich in het opsporingsonderzoek op het internet vormverzuimen hebben voorgedaan. Dit onderzoek had, aldus de verdediging, in zijn geheel met bevelen ex artikel 126j Sv (of bevelen op een andere grondslag) gedekt moeten zijn; er is volgens de verdediging een meer dan beperkte inbreuk gemaakt op de grondrechten van verdachten en de methode van onderzoek is naar zijn aard zeer Risicovol voor de integriteit en de beheer Betrokkeneheid van de opsporing. Gezien de aard van dit verzuim moet hieraan volgens de verdediging door de rechtbank een consequentie worden verbonden. De consequentie die de verdediging van Oussama C. , Imane B.en Moussa L. voorstaat is bewijsuitsluiting, terwijl de verdediging van Azzedine C. heeft bepleit dat niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie gerechtvaardigd is en, als daartoe niet wordt beslist, bewijsuitsluiting dan wel strafvermindering. De verdediging van Rudolph H. heeft zich bij het betoog van de verdediging van Azzedine C. , Oussama C. , Imane B.en Moussa L. aangesloten. De rechtbank zal dit verweer, ambtshalve, ook in de zaak van Hatim R. aan een beoordeling onderwerpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8, en de alinea staat in dat document op bytes 82639 tot 83890.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8 | shasum -a 256