Citaat | Rechtbank Den Haag 10 december 2015

Onder 11.15 Rechtbank Den Haag 10 december 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 december 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:14365.

De jurisprudentie van het EHRM op dit gebied is sterk casuïstisch van aard en kan niet één op één worden toegepast op de onderhavige zaak. Wel is duidelijk dat artikel 10 van het EVRM een grote ruimte biedt tot het vrijelijk uitdragen van meningen, ook als die meningen choqueren, kwetsen of verontrusten. Dat vereisen het pluralisme, de tolerantie en ruimdenkendheid, die een democratische samenleving kenmerken. De grens ligt evenwel bij uitingen die aanzetten tot haat, geweld of discriminatie. Bij de beoordeling of die grens is overschreden spelen vele factoren spelen een rol. Het is de wisselwerking tussen de diverse factoren, veeleer dan één enkele factor, die “context-specifiek” de uitkomst van die beoordeling bepaalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8, en de alinea staat in dat document op bytes 204013 tot 204831.