Citaat | Rechtbank Den Haag 10 december 2015

Onder 12.20 Rechtbank Den Haag 10 december 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 december 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:14365.

Volgens hem moet dit niet gezien worden als “haatprediken” of “terrorisme”, maar als “één van de pilaren waar islam op staat”. Om dat te bewijzen komt Abou Yazeed in de rest van zijn lezing met tal van voorbeelden uit de islamitische tradities: koranverzen, hadith en verhalen uit de tijd van de vrome voorgangers (de metgezellen van de profeet) en uit de tegenwoordige tijd. Op die manier laat Abou Yazeed zien hoe het verrichten van jihad het meest geliefd zou zijn door God (na het verrichten van het gebed en het eerbiedigen van de eigen ouders), de beste manier van leven en met als resultaat een ‘prachtige eindbestemming’ (rechtstreekse toegang tot het paradijs). In de huidige situatie verwijst hij naar Afghanistan, Mali, Tsjetsjenië, Palestina en Sham (Groot-Syrië) en stelt hij dat daar zeker sprake is van jihad fi sabil AllaH. (…).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3ef11fd9bdbc5516a4141c44126afbb384f9d950a38f4a7d5d43be58ddc32c8, en de alinea staat in dat document op bytes 231347 tot 232262.