Citaat | Rechtbank Den Haag 12 februari 2015

Onder 3.2. Rechtbank Den Haag 12 februari 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 12 februari 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:1437.

[geöpposeerde] legt aan haar vordering ten grondslag dat artikel 4.5 van de huurovereenkomst inzake de bemiddelingskosten nietig is op grond van artikel 7:264 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (“BW”). Tevens legt zij aan haar vordering ten grondslag dat artikel 7:417 lid 4 BW van toepassing is en dat Duinzigt op grond van deze bepaling geen recht heeft op loon van [geöpposeerde]. Tot slot stelt zij dat de opgevoerde kosten voor de door Duinzigt werkelijk verrichte werkzaamheden exorbitant hoog zijn en dat deze derhalve naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc5dd219900fc512fc1922b1b43373a488797fcdc5af7411d4ec55327b8a4a6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc5dd219900fc512fc1922b1b43373a488797fcdc5af7411d4ec55327b8a4a6a, en de alinea staat in dat document op bytes 11929 tot 12550.