Citaat | Rechtbank Den Haag 4 februari 2015
Onder 2.6. Rechtbank Den Haag 4 februari 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 4 februari 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:2027.
In de antwoordakte concludeert [X] c.s. in de hoofdzaak onder meer tot opheffing van de ten laste van [X] c.s. gelegde beslagen. Voor zover [X] c.s. daarmee doelt op de in het incident ex artikel 223 Rv door [X] c.s. gevorderde opheffing van de gelegde conservatoire bewijsbeslagen en derdenbeslagen, geldt dat de rechtbank daarop in in het tussenvonnis reeds heeft beslist en die vordering heeft afgewezen. Voor zover [X] c.s. hiermee bedoelt dat zij thans die opheffing andermaal vordert, verklaart de rechtbank [X] c.s. niet-ontvankelijk in die vordering. Het is in strijd met de goede procesorde om in de antwoordakte, zijnde het laatste processtuk in de hoofdzaak, een dergelijke vordering in te stellen, nog daargelaten of die vordering is bedoeld als een nieuw incident dan wel als eis in reconventie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbaff644900ff3e4775f2e403f8056282074a0314e25cebe91730f6bcc97f11e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbaff644900ff3e4775f2e403f8056282074a0314e25cebe91730f6bcc97f11e, en de alinea staat in dat document op bytes 15406 tot 16229.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbaff644900ff3e4775f2e403f8056282074a0314e25cebe91730f6bcc97f11e | shasum -a 256