Citaat | Rechtbank Den Haag 11 maart 2015
Onder 3.10. Rechtbank Den Haag 11 maart 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 11 maart 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:2569.
De rechtbank zal overeenkomstig het bepaalde in artikel 15 lid 3 Fw. het bedrag van de faillissementskosten en het salaris van de curator vaststellen en bepalen dat deze ten laste komen van degene die de faillietverklaring heeft aangevraagd, zijnde geopposeerde Vooral Vaardig B.V. De rechtbank ziet geen aanleiding om, zo bedoeld artikel – dat de mogelijkheid van kostenveroordeling beperkt tot schuldenaar en aanvrager – dat al toestaat, deze kosten tevens ten laste van de (middellijk) bestuurders van geopposeerde te brengen, nu de curator daarvoor geen grondslag en feiten of omstandigheden heeft aangevoerd. Evenmin ziet de rechtbank aanleiding om de door de curator gestelde salariskosten te beperken, omdat het zich daartegen richtende verweer onvoldoende concreet is en de rechtbank daarvoor ook overigens geen termen aanwezig acht. Ook is er, gelet op het oordeel dat het verzet werd ingesteld door de curator qq (r.o. 3.2) , geen grond om de tijd gemoeid met het onderhavige verzet onvergoed te laten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02e5ca059964c6de755f9fcfd6efe2e72c72e4f1db4ef020d976bf46f61abdfa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02e5ca059964c6de755f9fcfd6efe2e72c72e4f1db4ef020d976bf46f61abdfa, en de alinea staat in dat document op bytes 17020 tot 18051.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/02e5ca059964c6de755f9fcfd6efe2e72c72e4f1db4ef020d976bf46f61abdfa | shasum -a 256