Citaat | Rechtbank Den Haag 3 juni 2015

Onder 5.8. Rechtbank Den Haag 3 juni 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 3 juni 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:6222.

De rechtbank heeft eisers ter comparitie gevraagd welke prejudiciële vragen de Hoge Raad had moeten stellen. Eisers hebben daarop verklaard dat het gaat om de vraag of artikel 5.4 CAO een schending oplevert van het evenredigheidsbeginsel. Daarbij hebben zij verwezen naar de conclusie van A-G Cruz Villalón bij het Priggearrest (punt 1.9 pleitnota).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3aaaf2db54607db99407a2029f74427677603b7a5e7b9788d88863a53d32bfe9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3aaaf2db54607db99407a2029f74427677603b7a5e7b9788d88863a53d32bfe9, en de alinea staat in dat document op bytes 50078 tot 50443.