Citaat | Rechtbank Den Haag 6 januari 2015

Alinea 39 Rechtbank Den Haag 6 januari 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 6 januari 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:753.

“(…) De leden van de fracties van de VVD, PVV en SGP hebben vragen gesteld over de terugwerkende kracht die met onderhavig wetsvoorstel wordt verleend aan de Wet verhuurderheffing. Deze leden vragen om een nadere onderbouwing van de aanwezigheid van bijzondere omstandigheden die terugwerkende kracht van een belastende regeling in casu rechtvaardigen. Het beginsel dat aan belastende regelingen slechts in uitzonderlijke gevallen terugwerkende kracht wordt gegeven is in de Aanwijzingen voor de regelgeving (Aanwijzing 167) gecodificeerd. De beleidslijn rondom deze bijzondere omstandigheden binnen de fiscaliteit vindt zijn herkomst in een advies van de Raad van State. Deze is in een brief aan de Kamer vastgelegd en recentelijk nog eens herbevestigd. Naar het oordeel van het kabinet zijn in het onderhavige geval dergelijke bijzondere omstandigheden aanwezig. Door de wens van de Eerste Kamer, tot uitdrukking gebracht in de aangenomen motie Essers, om nog een wijziging in de regeling aan te brengen was inwerkingtreding op 1 januari 2013 niet meer mogelijk. De motie Essers die de aanleiding vormde voor onderhavig voorstel riep de regering op de verhuurderheffing over het jaar 2013 af te splitsen van de volgende jaren. Het laten werken van de regeling zonder daarin materiële wijzigingen aan te brengen was dan ook niet meer mogelijk zonder terugwerkende kracht. Immers, bij een inwerkingtreding ná 1 januari zou het tijdstip van verschuldigdheid niet meer op 1 januari kunnen liggen. Zowel bij de betrokken sector als bij het parlement bestond duidelijkheid over vormgeving van de verhuurderheffing. Het zou naar mijn oordeel onwenselijk zijn hiervan in materiële zin af te wijken. De grondslag van de verhuurderheffing blijkt voor de belastingplichtige immers uit de beschikkingen in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Daarbij worden de waarde, de objectafbakening en de gerechtigdheid bij het begin van het kalenderjaar vastgelegd. Zou geen terugwerkende kracht worden verleend, dan zouden deze beschikkingen voor wat betreft de waarde en objectafbakening nog wel relevant zijn, maar niet voor wat betreft de gerechtigdheid. Er zou dan onduidelijkheid voor de betrokken sector ontstaan. Bij het verlenen van terugwerkende kracht in belastende regelingen moet rekening worden gehouden met een kenbaarheidsvereiste. In ieder geval kan geen terugwerkende kracht worden gegeven aan maatregelen die voor de belastingplichtigen voor het tijdstip waarop het regime zal gaan gelden niet of niet voldoende kenbaar zijn. Naar het oordeel van het kabinet is aan dit kenbaarheidsvereiste in dit geval voldaan. De inhoud van het voorstel was reeds voor het beoogde tijdstip van terugwerking bekend en is door onderhavig voorstel ook niet veranderd. Aan het feit dat aan de Wet verhuurderheffing terugwerkende kracht zou worden verleend heeft het kabinet voldoende kenbaarheid gegeven door het uitdoen van een persbericht op 21 december 2012. Voorts is het, de leden van de fractie van de SGP vragen daarnaar, inderdaad niet zo dat de enkele verwachting dat de overheid de belasting zal gaan heffen met ingang van 1 januari 2013 gelijk mag worden gesteld met de kenbaarheid van deze heffing. Deze verwachting zou slechts inhouden dat duidelijk is dát heffing plaats zou vinden, terwijl kenbaarheid inhoudt dat ook duidelijk moet zijn wat de inhoud van de terugwerkende kracht zal zijn. Deze kenbaarheid wordt geacht aanwezig te zijn door uitgave van het persbericht van 21 december 2012. Dit is er dan ook de reden voor dat vermeden is materiële wijzigingen aan te brengen in de regeling zelf.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/121e4525a3b2f2fda208a78fcb2fa6adeb75cccc23f2b3a883738ef6e74f782c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 121e4525a3b2f2fda208a78fcb2fa6adeb75cccc23f2b3a883738ef6e74f782c, en de alinea staat in dat document op bytes 11907 tot 15550.