Citaat | Rechtbank Den Haag 14 januari 2015

Onder 4.1. Rechtbank Den Haag 14 januari 2015

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 14 januari 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:798.

Op een belangrijk punt dat partijen in deze zaken verdeeld houdt - te weten of het Unierecht, en met name artikel 5, lid 2, sub b, van de richtlijn in de weg staat aan een nationale wettelijke regeling die geen onderscheid maakt tussen de situatie waarin de bron van een voor privégebruik vervaardigde reproductie geoorloofd is, en de situatie waarin deze bron ongeoorloofd is - is door het Hof van Justitie EU op 10 april 2014 arrest gewezen . Het Hof heeft in dat arrest antwoord gegeven op vragen van de Hoge Raad, waaronder de vraag of artikel 5, lid 2, sub b, van de richtlijn, aldus moet worden uitgelegd dat de daar bedoelde beperking van het auteursrecht geldt voor alle aan de in dat artikel vermelde eisen beantwoordende reproducties, ongeacht of het exemplaar van het werk waaraan die reproducties zijn ontleend, rechtmatig ter beschikking is gekomen van de betrokkene, of dat die beperking slechts geldt voor reproducties die zijn ontleend aan een exemplaar van het werk die zonder auteursrechtinbreuk aan de betrokkene ter beschikking is gekomen. Het Hof van Justitie EU beantwoordt die vraag – voor zover nu relevant – als volgt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5e7647d57a5a0b1d7b1689804b1fcf804873280f301e468bd688b539026de3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5e7647d57a5a0b1d7b1689804b1fcf804873280f301e468bd688b539026de3b, en de alinea staat in dat document op bytes 60539 tot 61763.