Citaat | Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Onder 4.36. Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 juli 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:8082.
De voorzieningenrechter neemt de suggestie van Wieland om aan vraag 6d toe te voegen de vraag of onder omstandigheden plaats is voor matiging, niet over. Vraag 6 heeft betrekking op de vraag welke partij als de in het ongelijk gestelde dient te worden beschouwd en niet op de vraag hoe vervolgens de hoogte van de kosten dient te worden vastgesteld op grond van artikel 239 danwel artikel 1019h Rv. Daarover hoeft geen vraag gesteld te worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783, en de alinea staat in dat document op bytes 38821 tot 39279.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783 | shasum -a 256