Citaat | Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Onder 4.1. Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 juli 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:8082.
Het geschil betreft in de kern genomen de vraag of na intrekking van een kort geding door de eisende partij de regeling van afstand van instantie (de artikelen 249 en 250 Rv) van toepassing is al dan niet in verbinding met artikel 1019h Rv. De vraag die daaraan voorafgaat, althans daarmee samenhangt, is of de regeling van verval van aanhangigheid (de artikelen 125 en 127 Rv) in een kort geding procedure van toepassing is. Tot slot is gelet op de rechtszekerheid de vraag of er overgangsrecht dient te zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783, en de alinea staat in dat document op bytes 13861 tot 14386.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783 | shasum -a 256