Citaat | Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Onder 4.2. Rechtbank Den Haag 10 juli 2015
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 juli 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:8082.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat deze rechtsvragen zich lenen voor het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad op de voet van artikel 392 Rv. Een antwoord op deze vragen is nodig om op het verzoek van GIA c.s. te beslissen. De overige verweren van Wieland leiden naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet tot een afwijzing van het verzoek van GIA c.s. Het antwoord op de vragen is rechtstreeks van belang voor de beslechting of beëindiging van talrijke andere uit soortgelijke feiten voortvloeiende geschillen waarin dezelfde vragen zich voordoen. De intrekking van een kort geding (al dan niet een kort geding dat ziet op de handhaving van intellectuele eigendomsrechten) komt veelvuldig voor.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783, en de alinea staat in dat document op bytes 14450 tot 15188.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcce694051b2a33c212e10f783da08c64d18bdddf90004e1f12a714668db7783 | shasum -a 256