Citaat | Rechtbank Den Haag 11 februari 2016

Onder 5.2 Rechtbank Den Haag 11 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 11 februari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:1389.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder in casu onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de sluiting van drie maanden nodig is om het met de sluiting beoogde doel te bereiken, te meer nu verweerder ter zitting herhaaldelijk heeft aangegeven dat elke sluiting van een horeca-inrichting maatwerk is. De uitgangspunten die in het beleid van verweerder worden genoemd, te weten een sluiting voor de duur van drie, zes of twaalf maanden, acht de voorzieningenrechter onvoldoende om aan te merken als maatwerk, omdat verweerder kennelijk niet voor een periode van minder dan drie maanden de maatregel oplegt. Nu zoals hiervoor is overwogen er sprake is van een eenmalig incident, geen enkele andere mutatie ten aanzien van de inrichting bekend is en de handelshoeveelheid niet in verband gebracht kan worden met eiseres of haar personeelsleden, is de voorzieningenrechter van oordeel dat verweerder onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt in hoeverre zij deze elementen heeft meegewogen en waarom zij niet tot een kortere sluitingsperiode heeft besloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bb9deab4fa20843e16ce24877f18bbfc5c2afdcee9ab861b3869a608a05bc2c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bb9deab4fa20843e16ce24877f18bbfc5c2afdcee9ab861b3869a608a05bc2c, en de alinea staat in dat document op bytes 11937 tot 13008.