Citaat | Rechtbank Den Haag 15 september 2016

Onder 4.2 Rechtbank Den Haag 15 september 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 15 september 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:14564.

Verweerder heeft zich onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 10 augustus 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2278) op het standpunt gesteld dat voor eisers, anders dan voor de vreemdelingen in het Tarakhel-arrest, geen aanvullende garanties van de Italiaanse autoriteiten nodig zijn. In deze uitspraak wordt namelijk geoordeeld dat uit de arresten van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 26 november 2015 (ECLI:CE:ECHR:2015:1103DEC002145914) en van 9 juni 2016 (ECLI:EC:ECHR:2016:0517DEC000586813) volgt dat overdracht aan Italië niet zonder meer leidt tot een met artikel 3 EVRM strijdige situatie en dat met de in deze uitspraken beschreven werkwijze van verweerder voldoende is gewaarborgd dat de vreemdelingen in genoemde zaken ook na hun overdracht de door hen benodigde voorzieningen zullen ontvangen. Daarbij wordt telkens gerefereerd aan de “Circular Letter” van 8 juni 2015 en een rapport van 13 juli 2015 van een fact finding missie door liaison-officers van de Immigratie- en Naturalisatiedienst, het Duitse Bundesamt für Migration und Flüchtlinge en het Zwitserse Eidgenössisches Justiz- und Polizeidepartment (zie ook de uitspraak van de Afdeling van 27 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2163).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b53dc40a44c6e5aff765b124fc769f21602416b96cd45b4581e3a03a13c60f4e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b53dc40a44c6e5aff765b124fc769f21602416b96cd45b4581e3a03a13c60f4e, en de alinea staat in dat document op bytes 14479 tot 15780.