Citaat | Rechtbank Den Haag 17 februari 2016

Onder 2.17. Rechtbank Den Haag 17 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 17 februari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:1579.

[eiser] heeft zich op 10 februari 2006 met een klacht tegen de Staat gewend tot het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Hij heeft zich beroepen op schending van de artikelen 5, 6, 7 en 8 EVRM. Het EHRM heeft op 14 februari 2012 uitspraak gedaan en een schending van artikel 8 EVRM vastgesteld (EHRM, 14 februari 2012, no. 7094/06). Kort gezegd acht het hof het recht op respect voor het privé-leven geschonden omdat het feit dat het vermiste rijbewijs op het moment van melding van die vermissing niet ongeldig is verklaard, misbruik van de identiteit van [eiser] door anderen mogelijk maakte. Het EHRM heeft in dit verband het volgende overwogen:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b44a1ecec0e299887eb217b9c95990ad0213107054c0434612985329d5b79f3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b44a1ecec0e299887eb217b9c95990ad0213107054c0434612985329d5b79f3a, en de alinea staat in dat document op bytes 13598 tot 14282.