Citaat | Rechtbank Den Haag 20 januari 2016
Onder 2.16. Rechtbank Den Haag 20 januari 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 20 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:16834.
Deze vordering is alleen toewijsbaar in geval van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen. Daarvan is pas sprake als het instellen van de vordering, gelet op de evidente ongegrondheid ervan, in verband met de betrokken belangen van de wederpartij achterwege had behoren te blijven. Hiervan kan eerst sprake zijn als eiser zijn vordering baseert op feiten en omstandigheden waarvan hij de onjuistheid kende dan wel behoorde te kennen of op stellingen waarvan hij op voorhand moest begrijpen dat deze geen kans van slagen hadden (HR 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3516, NJ 2007/353). Bij het aannemen van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door het aanspannen van een procedure past terughoudendheid, gelet op het recht op toegang tot de rechter dat mede gewaarborgd wordt door art. 6 EVRM.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a79f8ea5cee6be068238af984d9927bad2faa66efca2c51dc854ffa73e709788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a79f8ea5cee6be068238af984d9927bad2faa66efca2c51dc854ffa73e709788, en de alinea staat in dat document op bytes 48432 tot 49259.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a79f8ea5cee6be068238af984d9927bad2faa66efca2c51dc854ffa73e709788 | shasum -a 256