Citaat | Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Onder 5.35. Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 20 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4229.
Het Scheidsgerecht heeft het antwoord op de vraag of (de voorlopige toepassing van) het arbitraal beding van artikel 26 ECT in strijd is met het Russische recht, gezocht in twee opvolgende bepalingen van de Wet inzake de Buitenlandse Investeringen. Daarbij gaat het om artikel 9 lid 2 van deze wet uit 1991 en artikel 10 van diezelfde wet in de versie van 1999. Het Scheidsgerecht is op basis van beide bepalingen tot het oordeel gekomen dat geschillen tussen investeerders en een staat van de hier aan de orde zijnde aard arbitrabel zijn op grond van Russisch recht (Interim Awards onder 370).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b, en de alinea staat in dat document op bytes 183333 tot 183942.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b | shasum -a 256