Citaat | Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Onder 5.95. Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 20 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4229.
Het in dit vonnis gegeven oordeel leidt tot de slotconclusie dat uit artikel 45 lid 1 ECT volgt dat met de enkele ondertekening van de ECT de Russische Federatie zich niet heeft gebonden aan de voorlopige toepassing van (de arbitrageregeling van) artikel 26 ECT. De Russische Federatie heeft dan ook nimmer een onvoorwaardelijk aanbod tot arbitrage gedaan, zoals bedoeld in artikel 26 ECT. Als gevolg daarvan is met de “ notice of arbitration” van gedaagden geen geldige overeenkomst tot arbitrage tot stand gekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b, en de alinea staat in dat document op bytes 263485 tot 264053.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3405e76c910bf2a6b1a496772effa9493a145cb28d63105850491b50f0fecf7b | shasum -a 256