Citaat | Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Onder 4.8. Rechtbank Den Haag 20 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 20 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4231.
Daarbij komt dat de Hoge Raad in zijn arrest van 16 februari 2016 heeft geoordeeld dat de bevoegdheid tot sanctieoplegging op grond van de Wahv (met name ook die met betrekking tot de APK-keuring) niet is beperkt tot gevallen waarin, alvorens de sanctie wordt opgelegd, is onderzocht of sprake is van, al dan niet door de betrokkene naar voren gebrachte, bijzondere omstandigheden die een nadere beoordeling vergen (ECLI:NL:HR:2016:240). Hierop strandt ook het betoog van [eiser] dat invulling gegeven had moeten worden aan de hoorplicht van artikel 4:8 Awb, nog daargelaten de vraag of op deze hoorplicht niet de uitzondering van artikel 4:12 Awb van toepassing is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a3cf2527fb677e603d0e5eebfe602c774143d4d212b2242ce4033a2b020edc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a3cf2527fb677e603d0e5eebfe602c774143d4d212b2242ce4033a2b020edc6, en de alinea staat in dat document op bytes 35233 tot 35913.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1a3cf2527fb677e603d0e5eebfe602c774143d4d212b2242ce4033a2b020edc6 | shasum -a 256