Citaat | Rechtbank Den Haag 10 mei 2016

Onder 3.4 Rechtbank Den Haag 10 mei 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 mei 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4929.

Op 21 februari 2015 heeft [slachtoffer 13] aangifte gedaan en daarbij verklaard dat zij twee dagen eerder werkzaam was bij [bedrijf 13] te Nijmegen. Daar heeft zij omstreeks 08.15 uur de telefoon opgenomen waarna zij een man hoorde zeggen dat hij Willemsen van de politie of recherche was, dat zij beter even kon gaan zitten en dat hij slecht nieuws over haar moeder had. Aangeefster raakte hierdoor enigszins in verwarring. De man zei dat het serieus was en dat de moeder van aangeefster was overleden aan een acute hartstilstand. Aangeefster heeft de verbinding verbroken. Zij was hevig aan het trillen, kon geen woord meer uitbrengen en begon te huilen. Ze wilde haar moeder gaan bellen, maar kreeg het niet voor elkaar omdat ze zo bibberde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28f1e7c2c4655b3bc1b6cf8bb1ba2e25d85307914f2d7ad37b6bbef827b16d4c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28f1e7c2c4655b3bc1b6cf8bb1ba2e25d85307914f2d7ad37b6bbef827b16d4c, en de alinea staat in dat document op bytes 48719 tot 49540.