Citaat | Rechtbank Den Haag 6 juni 2016

Alinea 34 Rechtbank Den Haag 6 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 6 juni 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:6136.

2. Verweerder heeft in de bestreden besluiten -waarvan de afzonderlijke voornemens van 14 mei 2016 deel uitmaken- de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseressen en de door hen opgegeven redenen van vertrek uit Mongolië geloofwaardig geacht. In deze problemen ziet verweerder echter geen aanleiding om tot vluchtelingschap te concluderen. Ook heeft verweerder niet aannemelijk geacht dat eiseressen bij terugkeer naar Mongolië een reëel en voorzienbaar risico lopen op schending van artikel 3 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Verweerder heeft verder overwogen dat Mongolië is aangewezen als veilig land van herkomst en dat eiseressen bij voorkomende problemen de bescherming van autoriteiten kunnen inroepen. Verweerder heeft daarom de aanvragen als kennelijk ongegrond afgewezen op grond van artikel 31 van de Vw 2000, juncto artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000 en aan eiseressen een inreisverbod opgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58a3834544253e97b256c843cd7cf8effcb27715249ca46bb5c80700828f1716. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58a3834544253e97b256c843cd7cf8effcb27715249ca46bb5c80700828f1716, en de alinea staat in dat document op bytes 10085 tot 11104.