Citaat | Rechtbank Den Haag 27 januari 2016

Onder 2.11. Rechtbank Den Haag 27 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 27 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:700.

Het hierover nader bijgebrachte bewijs valt uiteen in twee delen: ten eerste vier lijsten van de Indonesische sociale dienst en ten tweede in een aantal individuele zaken overgelegde schriftelijke bewijsmiddelen. De rechtbank bespreekt achtereenvolgens de lijsten van de Indonesische sociale dienst, die hierna (tezamen) worden aangeduid als ‘de lijsten van de sociale dienst’ (i) en het andere bijgebrachte schriftelijk bewijs (ii). Zij komt daarbij tot de conclusie dat – anders dan de weduwen en de kinderen betogen – niet op grond van deze bewijsmiddelen als vaststaand kan worden aangenomen dat de echtgenoten en de vaders van de weduwen en de kinderen in 1946-1947 onrechtmatig zijn geëxecuteerd door Nederlandse militairen. De rechtbank bespreekt vervolgens de wijze waarop nadere bewijslevering zal dienen plaats te vinden (iii) en het onderzoek door een deskundige naar de erebegraafplaatsen en ‘ de lijst met 214 slachtoffers van Bulukumba ’ (iv).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/392f711b96df50280c1f6ce4f53b9f84af8b9b3023671caa117474879ae287ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 392f711b96df50280c1f6ce4f53b9f84af8b9b3023671caa117474879ae287ec, en de alinea staat in dat document op bytes 20326 tot 21342.