Citaat | Rechtbank Den Haag 27 januari 2016

Onder 4.17. Rechtbank Den Haag 27 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 27 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:702.

De rechtbank deelt deze zienswijze van de Staat niet. [eiser] heeft onweersproken naar voren gebracht dat hij, pas toen hij in contact kwam met de Stichting Komite Utang Kehormatan Belanda (K.U.K.B.) op de hoogte geraakte van de mogelijkheid om de Staat aansprakelijk te stellen. Uit de stukken blijkt dat dit in 2014 was. Dat is voor hem het aanvangsmoment van de redelijke termijn voor aansprakelijkstelling en het in rechte betrekken van de Staat. Anders dan de Staat betoogt, past het niet om de datum van het vonnis van deze rechtbank in de zaak Rawagedeh als aanvangsmoment te nemen. De rechtbank neemt daarbij in ogenschouw dat [eiser] – naar hij onweersproken heeft gesteld – alleen door persoonlijk contact en informatievoorziening op de hoogte kon geraken van zijn mogelijkheden, aangezien hij van vergevorderde leeftijd is, geen toegang heeft tot radio en/of televisie, laat staan computers en daarmee online-informatie, en in een afgelegen dorp woont waar het nieuws niet doordringt. De aansprakelijkstelling van 22 december 2014 en het uitbrengen van de dagvaarding van 23 januari 2015 zijn daarmee binnen een redelijke termijn geschied.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d83abb47e9115bc6f209edb8b7e4297eecd31b6bd19cf41653fb2d5b453a1f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d83abb47e9115bc6f209edb8b7e4297eecd31b6bd19cf41653fb2d5b453a1f87, en de alinea staat in dat document op bytes 31291 tot 32458.