Citaat | Rechtbank Den Haag 28 april 2016
Alinea 106 Rechtbank Den Haag 28 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 28 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:7057.
Ingevolge artikel 3:305a BW geldt als vereiste voor het instellen van een collectieve actie dat het moet gaan om bescherming van gelijksoortige belangen van andere personen. Hieruit volgt dat dit inhoudelijk criterium ook dient te worden aangelegd bij de beoordeling van de stuitende werking op voet van artikel 3:316 lid 1 BW van een op een collectieve actie aansluitende, individuele vordering tot vernietiging van rechtshandelingen krachtens artikel 1:89 BW. De door [gedaagde] afgesloten “All Round Effect Voortuitbetaling” sluit voor wat betreft de “bescherming van gelijksoortige belangen van andere personen” onmiskenbaar aan op de 98 effectenleaseproducten uit de Eegalease-procedure. Er is aldus sprake van ‘aansluiting’ zoals door de Hoge Raad genoemd in rechtsoverweging 3.4.1 van de prejudiciële beslissing van 9 oktober 2015. Voor het formele standpunt van Dexia in deze is geen plaats.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/484beee794e36109cf76bdfc3cbec2378467ca7275131e09ad289b28950fa2f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 484beee794e36109cf76bdfc3cbec2378467ca7275131e09ad289b28950fa2f9, en de alinea staat in dat document op bytes 36602 tot 37528.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/484beee794e36109cf76bdfc3cbec2378467ca7275131e09ad289b28950fa2f9 | shasum -a 256