Citaat | Rechtbank Den Haag 4 januari 2016

Onder 3.2. Rechtbank Den Haag 4 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 4 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:71.

Aan dit verzoek legt VCKG ten grondslag dat sprake is van – kort gezegd – een dringende reden voor ontslag op staande voet, verwijtbaar handelen van [verweerster] en een verstoorde arbeidsverhouding, omstandigheden die zodanig zijn dat van VCKG redelijkerwijs niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De arbeidsrelatie tussen partijen is verstoord doordat [verweerster] zich in toenemende mate niet weet te beheersen, zich niet op de vlakte houdt en niet binnenkamers laat wat binnenkamers hoort te blijven. Herplaatsing is niet mogelijk. Op 18 november 2015 heeft VCKG ontdekt dat [verweerster] zich heeft laten betalen door een werving- en selectiebureau voor het door VCKG aannemen van door dat bureau aangebracht personeel. Met een beroep op het in de artikelen 8.3, 8.6, 8.7 en 9.6 van de arbeidsovereenkomst opgenomen exclusiviteitsbeding en het verbod om giften aan te nemen, heeft VCKG [verweerster] om deze reden op 19 november 2015 op staande voet ontslagen. Werkgever heeft geen vertrouwen meer in [verweerster] en vermoedt dat [verweerster] achter haar rug om nog meer dealtjes heeft gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f67d9026663f849ee4174341a9815000c6f8e56777ebc33a2a780ac8d930f885. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f67d9026663f849ee4174341a9815000c6f8e56777ebc33a2a780ac8d930f885, en de alinea staat in dat document op bytes 12239 tot 13389.