Citaat | Rechtbank Den Haag 4 januari 2016

Onder 4.3. Rechtbank Den Haag 4 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 4 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:71.

Aan deze verzoeken legt [verweerster] ten grondslag dat zij zich bij het aannemen van de vergoeding van het werving- en selectiebureau van geen kwaad bewust was en dat zij geen benadeling van VCKG voor ogen heeft gehad. [verweerster] heeft van VCKG niet meer de gelegenheid gekregen om haar standpunt te geven. Van de beweerdelijk geschonden bepalingen uit haar (gewijzigde) arbeidsovereenkomst had [verweerster] niet eerder kennis genomen. Artikel 8.6 is niet geschonden want [verweerster] heeft geen werkzaamheden voor derden verricht. Gelet op haar persoonlijke omstandigheden, met name haar goede functioneren, haar hoge inzet, het feit dat zij als alleenstaande moeder moet voorzien in het levensonderhoud van haar minderjarige zoon en de geldlening die VCKG nu van haar opeist, rechtvaardigt de haar verweten gedraging geen ontslag op staande voet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f67d9026663f849ee4174341a9815000c6f8e56777ebc33a2a780ac8d930f885. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f67d9026663f849ee4174341a9815000c6f8e56777ebc33a2a780ac8d930f885, en de alinea staat in dat document op bytes 15129 tot 15998.