Citaat | Rechtbank Den Haag 5 juli 2016

Alinea 23 Rechtbank Den Haag 5 juli 2016

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 5 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:7828.

8. Op grond van artikel 1, tweede lid, van de Wet wordt accijns verschuldigd ter zake van de uitslag tot verbruik van accijnsgoederen. Op grond van artikel 2, eerste lid, onder b, van de Wet wordt onder uitslag mede verstaan het voorhanden hebben van een accijnsgoed buiten een accijnsschorsingsregeling wanneer over dat goed geen accijns is geheven overeenkomstig de toepasselijke bepalingen van het Unierecht en de nationale wetgeving. Vindt deze bepaling toepassing, dan wordt, op grond van artikel 51, eerste lid, onder b, van de Wet de accijns geheven van de persoon die de accijnsgoederen voorhanden heeft en enig andere persoon die bij het voorhanden hebben ervan betrokken is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0af088dd42126e10bd3661b2eaac6d2b0cfc5717622f45cc6034948db7b5d2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0af088dd42126e10bd3661b2eaac6d2b0cfc5717622f45cc6034948db7b5d2a, en de alinea staat in dat document op bytes 10807 tot 11505.