Citaat | Rechtbank Den Haag 5 juli 2016
Alinea 26 Rechtbank Den Haag 5 juli 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 5 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:7828.
10. Vast staat dat in de loodsen in [plaats] en [plaats] onveraccijnsde sigaretten zijn aangetroffen. In het beroepschrift erkent eiser onder meer dat hij telefonisch de loods in [plaats] heeft gehuurd, dat hij bij de loods in [plaats] aanwezig was toen de sigaretten daar werden afgeleverd en overgeladen en dat hij is meegereden naar de loods in [plaats] om een deel van de sigaretten daar af te leveren. Deze verklaringen zijn in lijn met hetgeen is vermeld in het in 1 geciteerde strafvonnis en ook verder heeft de rechtbank geen reden om aan de juistheid van de in dat vonnis vermelde feiten te twijfelen. Daarmee is voldoende aannemelijk geworden dat eiser betrokken is geweest bij het voorhanden hebben van onveraccijnsde sigaretten. Dat, naar eiser heeft aangevoerd, zijn betrokkenheid slechts zeer gering was en dat hij niet zou hebben geweten dat het om onveraccijnsde sigaretten ging – wat daar overigens van zij – maakt dit, gelet op hetgeen is overwogen in 9, niet anders. Dit brengt de rechtbank tot het oordeel dat de accijns terecht van eiser is nageheven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0af088dd42126e10bd3661b2eaac6d2b0cfc5717622f45cc6034948db7b5d2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0af088dd42126e10bd3661b2eaac6d2b0cfc5717622f45cc6034948db7b5d2a, en de alinea staat in dat document op bytes 12833 tot 13923.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a0af088dd42126e10bd3661b2eaac6d2b0cfc5717622f45cc6034948db7b5d2a | shasum -a 256