Citaat | Rechtbank Den Haag 27 juli 2016
Onder 2.7.1. Rechtbank Den Haag 27 juli 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 27 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:8596.
ongeveer 85%. Bij zowel subcutane als intramusculaire toediening is F ongeveer 100% vergeleken met intraveneuze toediening. Hierbij valt nog op te merken dat een subcutane injectie als minder pijnlijk en dus minder belastend wordt ervaren dan een intramusculaire injectie. Tevens kan de patiënt zichzelf de injectie toedienen. Daarnaast laat de biologische beschikbaarheid bij orale toediening een grote variabiliteit zien: 55-70%. (…)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8f842dbfd37efdf2d5055bb9e5cc85a38df4f8e931abef458724fcb63e78d19e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8f842dbfd37efdf2d5055bb9e5cc85a38df4f8e931abef458724fcb63e78d19e, en de alinea staat in dat document op bytes 40476 tot 40979.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8f842dbfd37efdf2d5055bb9e5cc85a38df4f8e931abef458724fcb63e78d19e | shasum -a 256