Citaat | Rechtbank Den Haag 27 juli 2016
Onder 4.2.9. Rechtbank Den Haag 27 juli 2016
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 27 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:8700.
Ook kan worden uitgegaan van McLeskey als meest nabij gelegen stand van de techniek. Daarvan uitgaande is geen objectief technisch probleem te formuleren omdat er geen verschil is tussen McLeskey en de formulering van conclusie 1 van EP 138. Subsidiair, voor zover wordt geoordeeld dat EP 138 explicieter stelt dat de formulering kan worden gebruikt voor de behandeling van borstkanker, is het probleem te formuleren als het de vakman meer zekerheid verschaffen over de toepassing van de specifieke formulering van fulvestrant bij de behandeling van borstkanker . De vakman zou vanuit McLeskey zonder enige inventieve arbeid tot de conclusie komen dat er een redelijke verwachting van succes is dat de door haar gebruikte formulering kan worden toegepast bij mensen met borstkanker, zeker na raadpleging van Howell, naar wie McLeskey in voetnoot 19 verwijst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48891beb6f2300a586a77f1b4c14f78775f38fb4822ac0bf2492d4a94b9f93cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48891beb6f2300a586a77f1b4c14f78775f38fb4822ac0bf2492d4a94b9f93cc, en de alinea staat in dat document op bytes 29567 tot 30501.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48891beb6f2300a586a77f1b4c14f78775f38fb4822ac0bf2492d4a94b9f93cc | shasum -a 256