Citaat | Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017
Onder 5.7. Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11809.
Als deze stelling van de Staat juist is, heeft de uitspraak van de Afdeling van 16 november 2015 alleen betrekking op de toetsing aan de artikelen 3 en 8 van het EVRM, die aan de orde is nadat artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag toepasselijk is geacht, en kan aan een beoordeling van de gestelde onjuiste toepassing van Unierecht – met inbegrip van het niet stellen van een prejudiciële vraag – door de Afdeling niet worden toegekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842, en de alinea staat in dat document op bytes 52207 tot 52664.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842 | shasum -a 256