Citaat | Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017

Onder 3.9. Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11809.

Naar de Staat heeft toegelicht wordt in geval van Afghaanse asielzoekers eerst, aan de hand van de verklaring van de vreemdeling en de beschikbare documenten die op hem betrekking hebben, bezien wat voor positie de betrokken persoon had. Indien blijkt dat de Afghaanse vreemdeling werkzaam is geweest bij de Khad/WAD, wordt de beschikbare informatie afgezet tegen de inhoud van het ambtsbericht. Ten aanzien van voormalig onderofficieren en officieren van de Khad/WAD wordt op basis van het ambtsbericht uitgegaan van de veronderstelling dat sprake was geweest van “personal and knowing participation”. Dit is onder meer bij brief van brief van 9 juni 2008 van de Staatssecretaris aan de Tweede Kamer als volgt toegelicht:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842, en de alinea staat in dat document op bytes 29930 tot 30704.