Citaat | Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017
Onder 3.10. Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11809.
In een enkel geval heeft dit ertoe geleid dat aan een persoon, vanwege zijn bijzondere positie, niet artikel 1F is tegengeworpen. Het betrof in één geval een medicus die vanwege zijn positie had aangetoond dat in zijn geval aannemelijk was dat geen sprake was van ‘knowing and personal participation’. In verreweg de meeste gevallen, zoals in de gevallen waarin men heeft aangegeven louter administratieve werkzaamheden te hebben verricht, is echter op grond van eerdergenoemd ambtsbericht niet geloofwaardig en/of niet aannemelijk geacht dat er geen sprake was van ‘knowing and personal participation’, hetgeen door (Afdelings-)jurisprudentie wordt bekrachtigd. (...)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842, en de alinea staat in dat document op bytes 34481 tot 35232.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8b6decc85a6bfbc7cf547df6fead54def4af602004bd2538cb06cbcfb614842 | shasum -a 256