Citaat | Rechtbank Den Haag 22 februari 2017
Onder 4.14. Rechtbank Den Haag 22 februari 2017
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 22 februari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:1493.
OvRAN heeft de rechtbank verzocht om prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad aangaande het verplichte lidmaatschap van de NBA in relatie tot de in artikel 11 EVRM neergelegde vrijheid van vereniging. De rechtbank ziet geen aanleiding hiertoe over te gaan, al was het maar omdat niet voldaan wordt aan de voorwaarden die de Hoge Raad heeft gesteld aan het stellen van prejudiciële vragen, zoals de voorwaarde dat deze vraag niet eerder is beantwoord door de Hoge Raad en de voorwaarde dat sprake moet zijn van een vraag die zich voordoet in een groot aantal samenhangende zaken. Evenmin ziet de rechtbank – anders dan OvRAN ter zitting heeft verzocht – aanleiding de vraag of het verplichte lidmaatschap van de NBA zich verdraagt met artikel 11 EVRM aan het HvJ EU voor te leggen, alleen al niet omdat OvRAN heeft nagelaten toe te lichten op welke wijze in dit verband het ten uitvoer brengen van het recht van de Unie (zoals bedoeld in artikel 51 van het Handvest van de EU) aan de orde is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eecb366541e6c8ce61321e7ab7c9eb66f03b2dd4f29d585fcfeac0f5623a819b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eecb366541e6c8ce61321e7ab7c9eb66f03b2dd4f29d585fcfeac0f5623a819b, en de alinea staat in dat document op bytes 22962 tot 23980.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eecb366541e6c8ce61321e7ab7c9eb66f03b2dd4f29d585fcfeac0f5623a819b | shasum -a 256