Citaat | Rechtbank Den Haag 22 februari 2017

Onder 4.27. Rechtbank Den Haag 22 februari 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 22 februari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:1493.

Voor zover OvRAN heeft bedoeld te stellen dat de Staat leden van de NBA faciliteert te handelen in strijd met de mededingingsregels, overweegt de rechtbank als volgt. Zoals hiervoor in het kader van artikel 1 EP is overwogen, heeft de Staat op goede gronden het vehikel van de verplichte beroepsvereniging ingesteld, waarbij (onder meer) de beroepsgroep is opgedragen uniforme beroepsregels te formuleren, waar alle leden aan onderworpen zijn. Het is derhalve niet de Staat die deze regels vaststelt. Voor zover (leden van de) NBA dat vehikel zouden misbruiken teneinde de mededinging te verstoren – welke stelling OvRAN naar het oordeel van de rechtbank overigens onvoldoende heeft onderbouwd – dient OvRAN die leden en/of de NBA aan te spreken en in rechte te betrekken, dan wel de regels die ten grondslag liggen aan die gestelde mededingings-beperkende handelingen ter discussie te stellen in de ledenvereniging van de NBA. Het gestelde handelen van die partijen kan naar het oordeel van de rechtbank niet aan de Staat worden toegerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eecb366541e6c8ce61321e7ab7c9eb66f03b2dd4f29d585fcfeac0f5623a819b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eecb366541e6c8ce61321e7ab7c9eb66f03b2dd4f29d585fcfeac0f5623a819b, en de alinea staat in dat document op bytes 33604 tot 34664.