Citaat | Rechtbank Den Haag 22 december 2017

Alinea 61 Rechtbank Den Haag 22 december 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 22 december 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:15521.

Nu de moeder haar gewone verblijfplaats in Nederland heeft, is de Nederlandse rechter op grond van artikel 3 aanhef en onder a Rv bevoegd van het onderhavige verzoek kennis te nemen. De omstandigheid dat [minderjarige] ten tijde van de indiening van het verzoek feitelijk in India verbleef, kan gelet op hetgeen hiervoor reeds is overwogen niet tot een ander oordeel leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fb8bdd13faff5c51bb1f73cbe0b6fbf8f37c9136ea0c050a3a8dc3c1c47c708. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fb8bdd13faff5c51bb1f73cbe0b6fbf8f37c9136ea0c050a3a8dc3c1c47c708, en de alinea staat in dat document op bytes 18477 tot 18864.