Citaat | Rechtbank Den Haag 15 november 2017

Onder 4.15. Rechtbank Den Haag 15 november 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 15 november 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:16419.

Nationale-Nederlanden verzet zich met klem tegen de door [eiser] gestelde consequenties van het in voorkomend geval buiten toepassing laten van artikel 14. Zij acht het geëigend dat de nieuw te benoemen deskundige(n) in voorkomend geval kennis kan/kunnen nemen van het complete procesdossier, inclusief de reeds eenzijdig opgemaakte rapportages. Die rapportages bevatten immers niet alleen een beoordeling, maar ook feitelijke en anamnetische informatie, terwijl juist die informatie onontbeerlijk is voor een goede beoordeling, en met name over de reeds verstreken periode. Bovendien is Nationale-Nederlanden subsidiair van mening dat de rapportages bewijsrechtelijk kunnen worden gezien als partijrapportages van de zijde van Nationale-Nederlanden met de daaraan verbonden bewijswaarde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/552e44ecb150632a0a27e50fcd1cd51bdf748d5c7f19d9ddc9ca4e7a21d87b85. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 552e44ecb150632a0a27e50fcd1cd51bdf748d5c7f19d9ddc9ca4e7a21d87b85, en de alinea staat in dat document op bytes 48326 tot 49130.