Citaat | Rechtbank Den Haag 10 maart 2017

Onder 2.7. Rechtbank Den Haag 10 maart 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 10 maart 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:2718.

Loterijverlies stelt zich hierbij op het standpunt dat zij handelt op grond van middellijke vertegenwoordiging met bevoegdheid ter incasso c.q. privatieve lastgeving ter incasso in de zin van artikel 7:414 BW juncto artikel 7:423 BW. De vorderingen worden, zo stelt Loterijverlies, derhalve in eigen naam ingesteld, ten behoeve van de bij haar aangesloten personen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff1bededf1201f5fdff764c2e99b65619cc618ac6d3c9706e2b338c2359938f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff1bededf1201f5fdff764c2e99b65619cc618ac6d3c9706e2b338c2359938f9, en de alinea staat in dat document op bytes 13646 tot 14025.