Citaat | Rechtbank Den Haag 14 april 2017

Onder 3.3. Rechtbank Den Haag 14 april 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 14 april 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:3801.

Als uitgangspunt heeft voorts te gelden dat de herbeoordeling na niet meer dan 25 jaar na oplegging van de levenslange gevangenisstraf plaatsvindt en dat na die termijn periodiek de mogelijkheid van herbeoordeling wordt geboden. De herbeoordeling dient met voldoende procedurele waarborgen te zijn omgeven. De jurisprudentie van het EHRM (voorzieningenrechter: Europees Hof voor de Rechten van de Mens) houdt niet in dat een voorziening ter verkorting van de levenslange gevangenisstraf uitsluitend kan bestaan uit een wettelijk voorgeschreven periodieke herbeoordeling van de straf door een rechter. Dat neemt niet weg dat naar het oordeel van de Hoge Raad het opdragen van een herbeoordeling aan de rechter op zichzelf een belangrijke waarborg vormt dat de tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf in overeenstemming met art. 3 EVRM plaatsvindt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fa034a4ef78c1bfbb364b89257dffce166402e4e764e86f07825398c8c0b98b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fa034a4ef78c1bfbb364b89257dffce166402e4e764e86f07825398c8c0b98b, en de alinea staat in dat document op bytes 18618 tot 19572.