Citaat | Rechtbank Den Haag 25 januari 2017

Alinea 60 Rechtbank Den Haag 25 januari 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 25 januari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:444.

2.4.1.3. Van het forfaitaire stelsel van box 3 kan, gelet op voormelde uitgangspunten, niet worden gezegd dat het elke redelijke grond ontbeert. Gelet op de ruime beoordelingsmarge die de wetgever op het terrein van het belastingrecht toekomt, is dit stelsel niet in strijd met artikel 1 EP. Dit stelsel zou slechts dan in strijd komen met artikel 1 EP indien zou komen vast te staan dat het destijds door de wetgever voor een lange reeks van jaren veronderstelde rendement van vier percent voor particuliere beleggers niet meer haalbaar is en belastingplichtigen, mede gelet op het toepasselijke tarief, zouden worden geconfronteerd met een buitensporig zware last (zie HR 3 april 2015, nr. 13/04247, ECLI:NL:HR:2015:812, BNB 2015/174). Indien deze onhaalbaarheid duidelijk zou worden en de wetgever ervoor kiest uit te blijven gaan van een forfaitair rendement, mag van hem worden verlangd dat hij de regeling aanpast teneinde de beoogde benadering van de werkelijkheid te herstellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1b45dcf438792f79ebf520353fe2522a011b5c85f517a8affb67f61911a90b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1b45dcf438792f79ebf520353fe2522a011b5c85f517a8affb67f61911a90b2, en de alinea staat in dat document op bytes 14915 tot 15914.